01Feit

De richtlijn verbindt risico, patiëntinformatie en ketensamenwerking

De KIMO-richtlijn Antitrombotica geldt voor bloedige ingrepen in de eerste-, tweede- en derdelijns mondzorg bij patiënten die antitrombotica gebruiken. Zij behandelt niet alleen bloedingsrisico en lokale maatregelen, maar ook patiëntinformatie, taakverdeling in de keten en pijnstilling. De geldigheid is in 2024 opnieuw beoordeeld en volgens KIMO met vijf jaar verlengd, tenzij nieuwe ontwikkelingen eerder aanpassing nodig maken.

Dat brede kader vraagt om een werkproces vóór, tijdens en na de ingreep. Een vinkje dat iemand 'bloedverdunners gebruikt' is niet genoeg. De bevoegde mondzorgverlener moet de concrete situatie beoordelen; de praktijkorganisatie zorgt dat de juiste informatie, mensen, materialen en tijd op het beslismoment beschikbaar zijn.

02Afbakening

Laat staken en hervatten uitsluitend klinisch beoordelen

KIMO benadrukt dat tijdelijk staken het nabloedingsrisico kan verminderen, maar het risico op een trombo-embolische gebeurtenis kan verhogen. De patiënt moet worden geïnformeerd over beide kanten van de afweging. Wanneer tijdelijk staken wordt geadviseerd, hoort daar ook een hervattingsadvies bij.

Laat balie, planner of leidinggevende daarom nooit zelf een stopdatum afspreken of een eerder advies overschrijven. Leg in de planning alleen vast of de professionele beoordeling is afgerond, wie daar eigenaar van is en wanneer terugkoppeling volgt. De inhoudelijke afweging en patiëntgebonden instructie horen in het daarvoor bestemde zorgdossier.

03Aanpak

Gebruik één preoperatieve beslisstatus

Maak voor iedere geplande bloedige ingreep met antitrombotica een herkenbare status: informatie compleet, beoordeling open, overleg uitgezet of behandelplan bevestigd. Noteer niet in een algemene agenda welke medicatie iemand gebruikt. Verwijs vanuit de beperkte werkstatus naar de professionele registratie en benoem een eigenaar en uiterste beslisdatum.

Plan aanvullende tijd wanneer overleg met voorschrijver, trombosedienst of trombose-expertisecentrum nodig kan zijn. De richtlijn noemt overleg of fasering bij combinaties van risicofactoren. Een administratieve herinnering mag dat overleg ondersteunen, maar kan de inhoudelijke beoordeling niet vervangen.

  • aard en geplande omvang van de ingreep bevestigd;
  • actuele professionele beoordeling vindbaar;
  • eventueel ketenoverleg belegd en terugkoppeling ontvangen;
  • patiëntinformatie en afspraken over hervatten vastgelegd;
  • benodigde behandeltijd, ondersteuning en lokale maatregelen beschikbaar.
04Praktijkkeuze

Reserveer capaciteit voor uitvoering én observatie

Vertaal het vastgestelde behandelplan naar het rooster. Reserveer niet alleen tijd voor de ingreep, maar ook voor voorbereiding, lokale maatregelen, instructie en een controleerbare afronding. Leg vooraf vast welke medewerker assisteert en wie materiaal controleert. Laat productiedruk niet bepalen dat een noodzakelijke stap tussen twee afspraken wordt ingekort.

Plan risicogestuurd en sectorspecifiek: een korte ingreep is niet automatisch een kort proces wanneer informatie of nazorg extra aandacht vraagt. De tandarts beslist over de klinische maatregelen; de praktijkhouder bewaakt dat rooster en bezetting deze uitvoering mogelijk maken.

05Aanpak

Maak nazorg bereikbaar voordat de patiënt vertrekt

Controleer vóór ontslag wie de patiënt bij een nabloeding belt, welke instructie is gegeven en hoe de dienstdoende zorgverlener de relevante registratie kan vinden. Een algemeen voicemailbericht is geen sluitende nazorgroute wanneer een vraag dezelfde dag beoordeeld moet worden. Test ook de overgang naar avond- of weekenddienst.

Draag bij een dienstwissel alleen noodzakelijke procesinformatie over via de aangewezen veilige route. Noem de eerstvolgende actie en verantwoordelijke, en laat de ontvanger bevestigen dat de taak is overgenomen. Houd patiëntgegevens uit losse chatgroepen en algemene roosternotities.

06Duiding

Evalueer het proces zonder klinische uitkomst als personeelscore

Bespreek na een steekproef of beoordelingen tijdig rond waren, ketencontact bereikbaar was, materialen beschikbaar waren en nazorgvragen bij de juiste professional kwamen. Gebruik een nabloeding niet automatisch als bewijs dat een medewerker een fout heeft gemaakt; de richtlijn beschrijft dat nabloedingen ook bij zorgvuldig beleid kunnen voorkomen.

Herstel concrete procesgaten, zoals een ontbrekende eigenaar, te krap tijdslot of onduidelijke bereikbaarheidsdienst. Laat medische incidentbeoordeling en personele beoordeling elk hun eigen bevoegde route volgen.

Bronverantwoording

Gebruikte bronnen

De bronnen zijn inhoudelijk gecontroleerd op 23 september 2026. We linken rechtstreeks naar de verantwoordelijke organisatie of het oorspronkelijke document.

  1. Kennisinstituut MondzorgKlinische praktijkrichtlijn Antitrombotica
  2. KNMTOverzicht: de richtlijnen van het jaar 2025